Heemkunde Beek

Zoeken

Bezoekers online

We hebben 74 gasten en geen leden online

WEBSITE 2016

 

 

          WEBSITE 2016

Website 2015

BECHA

 

 

==========

 

 

Beek Toen en Nu

Beek Toen en Nu 2

     BEEK TOEN EN NU 2

Beek Uw Gemeente

Sigaren industrie

Marechaussee in Beek

 

 

           FR. Piek

Woonkernen

Bandkeramiek

St.Martinuskerk

Sint Hubertuskerk

Kasteel Genbroek

           Genbroek

+++++++++++

Oude Pastorie

 

                KLIK

Sjterfhoes

Herv. Pastorie

Vlag Mijnwerkersbond

 

 

Hubertus Molen

EyeWitness

SICOF

Gedonder in de Hemel

Leenhof Valkenburg

 

      LEENHOF VALKENBURG

Oude Pastorie

 

       Oude Pastorie

+++++++++++

Beheerder-Jan Jacobs

            E-mail

   Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Inlogformulier

Bezienswaardigheden

 

  

Beek

 De gemeente bevat behalve de plaats Beek de dorpen en gehuchten Groot- en Klein-Genhout, Geverik, Kelmond, ‘Hollands’ Neerbeek en Oensel.

 

 

 

 

Habets, 1884, blz. 417. - H.A.J. Gadiot, in Maasgouw 1893, blz. 13; 1916, blz. 96. - Dezelfde, in Publications 1899, blz. 61. - De Crassier, 1930, blz. 157. - J. Cobben, Korte schets van de geschiedenis van Beek, in Gids van Beek 1933.
In het oudste polypticum van de abdij van Reims, opgesteld omtrent het jaar 847, wordt Beek voor het eerst vermeld en wel onder de naam Becha; het heeft vervolgens dezelfde geschiedenis als de overige aldaar en in een schenkingsakte van 968 genoemde Limburgse plaatsen (Publications, 1888, blz. 14-15, 17). Bij het Partagetraktaat van 1661 wordt het Staats. Beek bezat een hoofdschepenbank. Het goed Vroenhof, zetel der oude heerlijkheid, ging in de loop van de 13de eeuw tezamen met het patronaat der kerk over aan de Balie Aldebiezen der Duitse Orde.

 

 

 

 

Beek Op de hoek Bourgognestraat-Hoolstraat een eenvoudig houten wegkruis, xviii, neogotische+ omlijsting.

In de Brugstraat een pomp, xixa, met loden leeuwenkop als waterspuwer.  

DE ROOMS-KATHOLIEKE KERK van de H. Martinus vervangt een gotisch, pseudobasilicaal gebouw met westtoren. Het huidige neoromaanse gebouw werd in 1888 begonnen naar plannen van L. von Fisenne, voortgebouwd in 1893 en voltooid in 1910 door Jos. Th.J. Cuypers en Jan Stuyt. Twee tamelijk nauwkeurige aquarellen, 32 × 38, door J. Mengelberg 1848, in het bezit van de familie Garé te Beek, tonen de vorige kerk uit het zuidwesten. In het archief van Monumentenzorg bevindt zich een opmeting, 1888, van de zuidkant.

Tot de inventaris behoren:

Twee driecellige biechtstoelen, xixa, met ionische zuilen en in medaillons voorstellingen+ van de H.H. Petrus en Magdalena.

Doopvont met eenvoudige hardstenen kuip, 1632, op neogotische voet; de koperen+ deksel met moderne rand.

In en voor de kerk enige grafstenen, xixa, familie Stas, de Rosen, Hennekens. Onder+ de vloer nog verschillende zerken, o.a. van Willem Oensel † mdci en van Arnold Huyn van Amstenrade † 1579 (Publications 1879, blz. 272; Maasgouw 1920, blz. 43). Voor het perceel Molenstraat 6 grafzerk van pastoor Arnoldus de Greef † 19-11-1633.

Meer dan levensgroot houten korpus, xvi, op modern kruis. Kruis, xixa, houten korpus hoog 75.

Madonna met Kind op de maansikkel, hout, omstreeks 1500, hoog 110. Houten beeld, xixa, hoog 125, van St. Maarten te paard met bedelaar; waarschijnlijk plaatselijk werk.

Serie van zeven schilderijen, xviiid, doek 190 × 130, met voorstellingen die betrekking+ hebben op de Sacramenten: De Doop van Christus met op de achtergrond de H. Christoffel, rechts onder gemerkt ‘D.A. Schmitz 17..’; het Vormsel, in een neoclassicistische kerkruimte; het Laatste Avondmaal, beschadigd; Christus met Magdalena; het H. Oliesel; Petrus ontvangt de Sleutels; het Huwelijk van Maria en Jozef. Verder de Stigmatisatie van de H. Theresia, xvii?, doek 120 × 150; de Annunciatie, xvii?, doek 120 × 150; de Cijnspenning, xviiid naar 17de eeuws origineel, doek 150 × 120. Al deze schilderijen zijn voorzien van effen zwarte lijsten.

Zilveren stralenmonstrans in Lodewijk xv-stijl, hoog 87; de gegolfde voet prijkt met+ vier schelpcartouches, in een waarvan is gegraveerd i-d-/a/gosens/d.d. 1775; de nodus heeft vier rocaillepaneeltjes terwijl de stralenbundel omgeven is door zeven engelen in wolken.

 

 

 

Verguld zilveren monstrans, oorspronkelijk met cilinder, hoog 50; versiering met engelkopjes en cherubijnen; aan weerskanten van de nieuwe lunula twee kandelaberachtige zuilen met zijdelingse arabesken; de overhuiving draagt op twee kleinere zuiltjes met zijdelingse arabesken een koepeltje, bekroond door een kruis; onder het koepeltje een madonnabeeldje in stralen; onder het benedenvlak van het expositorium god:comes*de*huyn*baro*de*gleen*com:*prov*bal: ivnge: gen: marechallvs *campi*sag*caes*ma(i)* anno 1642; aan de bovenzijde van het benedenvlak alliantiewapen Huyn × Printhagen; onder de voet de merken Maastricht, hs, z.

Gedreven zilveren ciborie, omstreeks 1700, gerestaureerd; met deksel hoog 48; op de ronde voet putti met de Passie-emblemen, de stam versierd met acanthus, de cuppa met voorstellingen van O.L. Vrouw van Zeven Smarten, de H.H. Franciscus en Antonius in ovale omkransingen; gemerkt: illustratie.

Eenvoudige zilveren kelk, hoog 26, met op de getorste voet VVILheLMI hennekens et theresIa CorbeaV LIberaLItate Dabar (1820).

Zilveren beslag in Lodewijk xv-stijl voor twee missalen.

Zilveren stafbekroning, xixa, hoog 30, de H. Jozef voorstellend.

  Koperen vaandelkruis, xviii, hoog 30.

Twee paar geprofileerde koperen kandelaars, xvi, hoog resp. 40 en 35. Een dergelijk paar, xvii, hoog 25.

Drie koperen drievoetkandelaars, xviib, hoog 35-55.

  Wit driestel met bonte bloemen, xviiic. Rood driestel met witte bloemen; paal en kruis met bonte bloemen, omstreeks 1775.

Koorkap van wit damast met vaasmotief van brocaat, xviiid. Gouden moiré koorkap met brocaat, xviii.

  Neoclassicistische eiken archiefkast, xixa.

  Fraai gesneden collectebakje in Lodewijk xv-stijl met geschilderde Agnus Dei en de woorden Gott Lohne.

Houten Lodewijk xvi-kandelaar, hoog 115.

 

   DE OUDE PASTORIE, annex Oude Pastoriestraat 4, is een vervallen bakstenen gebouwtje; gevelsteen met j.k. 1781 (J. Kerckhoffs, pastoor van 1772-1796). Inwendig resten van een stookplaats met haardsteentjes, versierd met acanthus en bloemen, xvii.

Om het gebouw sporen van vroegere gebouwen en een rechthoekig aangelegde omgrachting, overblijfselen van de voormalige Vroenhof of Herenhof, zetel der heerlijkheid. In de 13de eeuw ging dit goed met het patronaat der kerk over aan de Balie Aldebiezen der Duitse Orde. In de volksmond leeft de naam Vroenhof nog voort, als benaming van een weiland achter dit terrein. 

DE HERVORMDE KERK aan de Raadhuisstraat is een der kerkjes, wier stichting het gevolg was van de definitieve teruggave van oude parochiekerken aan de Katholieken. In dit geval bepaalde een Belgisch K.B. van 1835 de bouw evenals voor de Hervormde kerkjes te Gulpen, Heerlen en Meerssen. Als architect trad op H. Konings, schrijnwerker te Roermond (Rijksarch. Maastricht, minuten van notaris A. Milliard 8.8. 1835). Aannemers waren Gruyters en de Beekenaar L. Lemmens (Jaarboekje der Limburgsche Protestanten-Vereenigingen 1916; 1925, blz. 170; 1928, blz. 117; 1929, blz. 77; 1930, blz. 69. - Limburgsche Kerkbode 1937, nrs. 42, 43, 45, 46, en 47 met bijdragen van S.A. de Vries).

 

 

   

Het driezijdig gesloten bakstenen gebouwtje onder een leien zadeldak met een dakruiter aan de voorzijde heeft een pilasterachtige muurgeleding en rondboogvensters met gotiserende houten raamverdelingen; hardstenen ingangsomlijsting.

Over de binnenruimte een tongewelf van stuc.

Galerij, preekstoel, eenvoudige banken, tekstborden uit de bouwtijd.

Orgel met Lodewijk xv-kas, afkomstig uit Axel (Z), in 1924 in deze kerk geplaatst. Wijnkan van Delfts aardewerk, omstreeks 1700, met tinnen deksel.

Op het kerkhof eenvoudige grafsteen van J.H. Cox (1792-1846), predikant van Beek+ en Geul sinds 1815.

 

DE HERVORMDE PASTORIE, Burgemeester Janssenstraat 2, staat op een terrein, dat in 1721 in het persoonlijke bezit kwam van Ds. Henderici (transport van 2-8-1721 in het Gichtregister van de hoofdbank Beek, Rijksarchief te Maastricht). Dit perceel, waarop de pastorie blijkens de gevelsteen in 1723 werd gebouwd, kwam eerst in 1828 definitief in handen van de Hervormde gemeente (notulen, medegedeeld door Ds.S.A. de Vries te Beek).

Rechthoekig gebouw,  van twee verdiepingen onder een zadeldak, afgesloten door trapgevels, de linker met een jaartalsteen 1723. Het huis is opgetrokken van baksteen met toepassing van natuursteen: in de linkerzijgevel mergelstenen hoekblokken en speklagen; trigliefenlijsten en consolefriezen van mergel; de middeningangen met dubbel bovenlicht aan voor- en achterzijde hebben hardstenen omlijstingen; ook de onderdorpels en lateien van de 19de eeuwse vensters zijn van hardsteen. In de linkergevel en beneden in de voorgevel sporen van oorspronkelijke smalle vensters met mergelstenen, resp. bakstenen strekken; in de linkergeveltop enige oorspronkelijke boogvenstertjes.

Inwendig moerbalkzolderingen, een schoorsteenmantel met dorische zuiltjes en tegels, xixa, en een schoorsteenmantel met stucboezem in Lodewijk xv-stijl en een régencehaardplaat; ingebouwde Lodewijk xvi-klok van ‘Nicolas Grulbert, Mastricht’.

Bergstraat 12. Eenvoudige mergelstenen topgevel, blijkens gevelsteen uit 1692; zij-en achtergevels in vakwerk, bouwvallig.

Bergstraat 16. Gepleisterd huis met rechthoekige vensteromlijstingen van hardsteen; jaarankers 1804.

Bergstraat 19. Hoeve om gesloten binnenplaats in vakwerk; aan de straat gepleisterde gevel met speklagen en gevelsteen met 1792 (of -96).

 

  

Bourgognestraat 35. Huis Nieuwenhof, xixc, staat op het terrein van het voormalige goed en Valkenburgse grootleen Cartilshof of Binsveld, welke namen ontleend waren aan de families die het in de middeleeuwen, resp. in de 16de en 17de eeuw bewoonden (Habets, 1884, blz. 423; De Crassier, 1930, blz. 159).

Achter het huidige landhuis een rechthoekig golvend terrein, 16 × 20 m, met resten van kelders en sporen van een omgrachting; het gedeeltelijk door een mansarddak gedekte bakstenen gebouw met segmentboogvensters, xviii, rechts voor het huidige landhuis is waarschijnlijk nog een der bijgebouwen van het oude Binsveld; inwendig een eenvoudige steektrap met een Lodewijk xvi-leuning, een Lodewijk xvi-schoorsteenmantel en moerbalkzolderingen. In het tegenwoordige landhuis lambrizeringen en een ijzeren stookplaats uit het 18de eeuwse gebouw. Collectie van dr. H.J. Beckers, bestaande uit een geologische verzameling, vogels en de vondsten van zijn archeologische opgravingen in Limburg.

 

 

  Het fraaie vakwerkhuis Brugstraat 5 met overgekraagde voorgevel en zijgevel en het opschrift 1660 4 ivnivs is helaas in 1933 gesloopt. Een schets van de voorgevel door J.H.A. Mialaret berust in het archief van Monumentenzorg. 

 Burgemeester Janssenstraat 47. Segmentboogvensters in hardstenen omlijstingen, type ic en ib; sluitsteen boven de ingang met 1792.

 Maastrichterlaan 1. Segmentboogvensters in hardstenen omlijstingen, type ia; boven de deur 1807; ankers i, i en k.

Maastrichterlaan 17. Tussendorpelvensters met vlakke hardstenen kozijnen.  

Sanderboutlaan 11. Hoeve om gesloten binnenplaats, oorspronkelijk uitspanning; rechthoekige hardstenen vensteromlijstingen; jaarankers 1792.

Sanderboutlaan 16. Aan deze weg door de Beeker heide, vroeger genaamd de Oude Baan, de oude Napoleonsweg, die waarschijnlijk echter nog van Romeinse aanleg is, het z.g. Roodhuis. Dit voormalige posthuis, xviiib, is opgetrokken van baksteen om een gesloten binnenplaats. Inwendig moerbalkzolderingen, een achttal schoorsteenmantels met tegels en een bedstede uit de bouwtijd.

 Stegen 16. Vakwerkhoeve om naar voren open binnenplaats; in de ingangslatei i m h anno i h s 1837 m i h.

 

Geverik

De Kapel, een neogotisch gebouwtje uit de jaren 1861-1862, bezit een bidstoel, xviii, tevens kast, waarboven tussen twee korintische pilasters een geschilderde Kruisiging; enige deurpanelen, xviii; voorts een wit moiré driestel met bloemen bestikt, xviiid, enige kazuifels, xixa en verschillende waardevolle Vlaamse kantwerken, o.a. Brussels en Brugs.

  HET HUIS GEBROEK, Kasteel Gebroekstraat 18, wordt reeds in 1381 genoemd als grootleen van Valkenburg (Habets, blz. 420; De Crassier, 1930, blz. 159).

Van de vier gewitte bakstenen vleugels vormt de oostelijke het herenhuis,  terwijl de overige dienen voor het landbouwbedrijf. Aan de oostkant ligt tegen de heuvel een engelse tuin met vijvers. Oorspronkelijk opgetrokken in sobere 17de eeuwse vormen is het in de tweede h elft van de 18de eeuw gedeeltelijk tot maison de plaisance uitgebouwd; het herenhuis van twee verdiepingen is voorzien van segmentboogvensters en ingangen in hardstenen omlijstingen, xviiib, type ia, waaronder aan de tuinzijde een ingang met aangekoppelde vensters; op het midden een achtzijdige dakruiter met een gekrulde windvaan en een kleine klok; op de klok: sancte leonarde ora pro nobis 1658 en een gevierendeeld wapen - i en iv een klimmende leeuw, ii en iii een roos -, waaronder recte gogn(i)ta.

 

 

 

De noord- en de zuidvleugel, xviic, elk aan de westzijde afgesloten door een puntgevel. Aan de zuidkant van de binnenplaats twee rondboogpoorten in hardsteen met op de sluitstenen Ao 1656. Verder jaarankers å 161. en enige rondboogvensters.

Inwendig Lodewijk xvi-trap en enige schoorsteenmantels, xixa.  

Ten noorden van het complex de gewitte bakstenen gebouwen van de oude waterradmolen,+ volgens mededeling van wethouder Mennens te Beek mogelijk het oorspronkelijke goed; gevelsteen met 1637 (?) verdwenen. 

Geverik 16. Hoeve om gesloten binnenplaats; segmentboogvensters in hardsteen,+ type ia; op sluitsteen boven de ingang nf mofs 1806.

Geverik 24. Hoeve om gesloten binnenplaats, 1843.

Geverik 34. Hoeve om gesloten binnenplaats, 1843.

Geverik 35. Hoeve om gesloten binnenplaats, 1800.

Geverikstraat 139. Hoeve van baksteen opgetrokken om gesloten binnenplaats; de+ woonvleugel van twee verdiepingen onder een wolfdak heeft mergelhoekblokken en vensters in hardsteen met lateibogen; de ingang, waarvan het bovenlicht van een lateiboog is voorzien, heeft op de bovendorpel 1812 p(eter) r(enier) c(orten), a(nna) m(aria) s(choenmaeckers). Inwendig twee neoclassicistische schoorsteenmantels met stucboezems, versierd met bloemen, ranken en tuingerei; verder wandschilderingen in olieverf met romantische landschappen en een zeegezicht, gemerkt: dom = p = rc: / mdcccxvi j.s.c: fecit.

Kapelstraat 4. Boerenwoning van baksteen met mergelhoekblokken en hardstenen+ vensteromlijstingen; mergelgevelsteen anno 1780.

Kapelstraat 16. Bakstenen hoeve, gewit, om gesloten binnenplaats. Aan de straat twee topgevels van woonhuis en schuur; daartussenin de lagere poortvleugel. Aan de binnenplaats tussendorpelvensters met vlakke hardstenen kozijnen, bakstenen ontlastingsbogen en voorzien van luiken. De latere hardstenen ingangsomlijsting met segmentbogig bovenlicht heeft op het kalf 17. w.s.a.k. 71 (W. Schoenmaeckers A. Kerkhoffs 1771); de segmentboogvensters in hardsteen, type ia, in de straatgevel van het woonhuis zijn gelijktijdig met deze ingang. De ingangsvleugel is blijkens jaarankers aan de straatzijde boven de poort in 1782 tot stand gekomen. Verdere verbouwingen aan de tuingevel van het woonhuis volgens overlevering in 1877. De achtervleugel is van zeer recente datum. Inwendig een schoorsteenmantel, xviid, met tegels en lateibalk met tandlijst, moerbalkzolderingen en schoorsteenboezem in Lodewijk xv-stijl.

Veenweg 9. Hoeve, opgetrokken in mergel om een naar achteren open binnenplaats; boven de grote rondboogpoort in geprofileerde mergelomlijsting een steen met 1686.

  

Groot- en Klein-Genhout

De Rooms-Katholieke kerk van de H. Hubertus, gebouwd door A.J.N. Boosten in 1936, bezit een kruis met houten korpus, xvi, afkomstig uit Duitsland, hoog ± 100; afb. 26. 

DE TWEE HOEVEN VAN PRINTHAGEN, resp. te Groot-Genhout en Klein-Genhout, ontlenen hun naam aan het geslacht, dat deze lenen van Valkenburg in de 14de eeuw bezat (Habets, 1884, blz. 427. - De Crassier, 1930, blz. 161).

 

 

 

 De Benedenste Hoeve, Printhagen 2, is opgetrokken om twee binnenplaatsen. De in vakwerk opgetrokken tussenvleugel van twee verdiepingen onder een zadeldak en de door een zadeldak gedekte vakwerkschuur aan de overzijde van de achterste binnenplaats zijn ouder dan de overige gebouwen; de tussenvleugel is echter gedeeltelijk in baksteen vernieuwd; aan de buitenzijde heeft deze vleugel thans een in- en uitgezwenkte topgevel,  met afdekkingen, dubbele speklagen en hoekblokken van mergel en in de top een krulanker en een steen met het omrankte jaartal 1744 en imcw. De voorste binnenplaats is ontstaan doordat links van deze gevel gelijktijdig een nieuwe vleugel werd gebouwd en haaks hierop de ingangsvleugel; beide vertonen aan de buitenzijde dezelfde speklagen. Rechts van de topgevel - wellicht op de plaats van de oude toegang - een lage baksteenvleugel ter afsluiting van de voormalige ingangszijde van de achterste binnenplaats. In de buitengevel van dit gedeelte een poortje met een korfboog en hoekblokken van mergel.



illustratie

Fig. 17. Hoeve, Groot-Genhouterstraat 109

 De Bovenste Hoeve, Printhagen 3, bestaat uit drie losstaande vleugels om een ruime met linden beplante binnenplaats, toegankelijk via een korte oprijlaan. Behoudens een glad hardstenen kruiskozijn en een geprofileerde mergelstenen daklijst, xviiia?, wijst alles op het begin van de 19de eeuw: Rechtafgedekte vensters en ingangen in hardsteen, segmentboogvensters in mergel, type ia, enkele elliptische vensters in mergel - een met het geschilderde jaartal 1806? - etc.

Inwendig moerbalkzolderingen en een houten schoorsteenmantel, xixa.

In het weiland tussen beide hoeven aanduidingen van een vroeger gebouw.

Groot-Genhouterstraat 22. Hoeve om gesloten binnenplaats; aan de binnenplaats van vakwerk met houten kruiskozijn, aan de buitenkant van baksteen met segmentboogversters in hardsteen, type ia; jaarankers 1787.

 

 

 

Groot-Genhouterstraat 109. Vakwerkboerperij in haakvorm, xvii of xviii, met aan de straat een puntgevel van mergel en baksteen, xixa, fig. 17.

Groot-Genhouterstraat 135. Hoeve om gesloten binnenplaats; aan de binnenplaats vakwerk; een in- en uitgezwenkte gevel van mergel,  opnieuw ingemetseld.

Ook de hoeven te Klein-Genhout zijn opgetrokken om gesloten binnenplaatsen.

Klein-Genhouterstraat 6. In baksteen met segmentboogvensters in hardsteen, type ia; jaarankers 1788, sluitstenen 1800 wk cp w:k c:p jk ch en 1788.

Klein-Genhouterstraat 14. Gedeeltelijk in vakwerk; verder baksteen met segmentboogvensters in hardsteen, type ib; sluitstenen ips 1803.

Printhagerstraat 20. Gedeeltelijk in vakwerk. Op houten latei van de schuurpoort een bezwering tegen ratten, muizen en brand en 1778.

 

Schimmerterweg 14. Houten standaardmolen voor het malen van graan; op later ommetselde en bepleisterde voet  . Op een der balken iohannes van mulcken in het jaer 1814. Op de hardstenen ingangslatei van het in 1943 tegelijk met de restauratie van de molen verhoogde molenhuis wk mcp 1808. Volgens plaatselijke overlevering moet de molen omstreeks 1802 gebouwd zijn door de in deze latei aangeduide families Kerckhoffs uit Klein-Genhout en Penders uit Kelmont. In 1808 werd voor de toen aangestelde vaste molenaar het molenhuis gebouwd.

 

Kelmond

DE HOEVE KELMONT, Kelmonderhofweg 47, is in de 17de eeuw in handen van+ de familie Creusen; de jaartallen 1616, op een thans opgeborgen windvaan, en 1618, op het poortgebouw, wijzen er op, dat het huidige gebouw grotendeels tot stand moet zijn gekomen onder Hubertus Creusen, † 1619. (De Crassier, 1930, blz. 160; D. Sassen, in Publications 1921, blz. 77).

De herenhoeve, een voorbeeld van de destijds gebruikelijke baksteen-architectuur met hoekblokken en horizontale banden van mergel en tussendorpelvensters in hardsteen met geblokte zijpenanten.

Het woonhuis van twee verdiepingen heeft aan de veldzijde een vierkante zijtoren, die na een brand verlaagd is en met het eigenlijke huis onder één dak getrokken. De ten opzichte van het woonhuis terugspringende lage poortvleugel heeft een hoge ingangspartij met een door schoudergevels afgesloten zadeldak; de verdieping is aan beide zijden voorzien van twee door ontlastingsbogen afgedekte tussendorpelvensters in mergel met geblokte zijpenanten en, wat de buitenste betreft, voorzien van smeedijzeren hekjes; de langs de ingangspartij als fries doorgetrokken kroonlijst wordt door de omlijsting van de rondboogpoort gedeeltelijk oversneden. Aan beide zijden voorts ankers met å 1618; aan de buitenkant boven het rondbogige topvenster een gevelsteen met Ao 1618 en op de top een smeedijzeren windvaan; een dergelijke windvaan met 1616 - wellicht van het zijtorentje - ligt thans in de schuur. De topgevel aan de binnenplaats heeft zijn oorspronkelijke mergelafdekkingen verloren.

Het zonder speklagen opgetrokken uiterst rechtse gedeelte van de ingangsvleugel en de haaks daarop aansluitende schuur moeten nog later in de plaats zijn gekomen van gebouwen, die ouder waren dan de 17de eeuwse; hierop schijnt ook een in de kelder aanwezige muurrest nog te wijzen. De daken ter weerszijden van de hoge ingangs-

 

 

 

partij waren blijkens moeten oorspronkelijk stijler dan thans, evenals het woonhuisdak. Rechts van de hoeve een bakhuis, ten dele met speklagen, ± 1700.

Inwendig drie schouwen, een dezer met consoles in het vertrek boven de poort; moerbalkzolderingen en in de kelder een overhoeks gemetseld bakstenen gewelf.

 Kelmonderstraat 46. Bakstenen hoeve met naar voren open binnenplaats; op bovendorpel van de ingang anno 1811 c 14.

Kelmonderstraat 33. Bakstenen hoeve met naar achteren open binnenplaats; sluitsteen met anno 1811 iwp 25 imii mnn.

Kelmonderstraat 25. Hoeve in haakvorm opgetrokken, deels van baksteen met resten van speklagen, deels van mergel en deels van vakwerk; houten kruiskozijn. Inwendig schouw, xvii, met voluutwangen en consoles met engelkopjes en ionische kapitelen.

 

‘Hollands’ Neerbeek

 Dorpsstraat 63. Als enig overblijfsel van de Neerbeeker Hof bakstenen gebouwtje met rondboogingang, versierd met bossageblokken en dichtgemetselde elliptische vensters. De omstreeks 1919 afgebroken Neerbeekerhof was blijkens een schilderij in de collectie van dr. H.J. Beckers te Beek gebouwd om een gesloten binnenplaats met torenachtig poortgebouw. In het Provinciaal Oudheidkundig Museum te Maastricht (inv. nr. 930) gevelsteen met de wapens Banens en De Sauveur. In de raadzaal te Beek haardtegels. Keulsteeg 9. Vakwerkhoeve in haakvorm; in bovendorpel van de ingang anno 116 imgs 1805.

Keulsteeg 15. Hoeve in haakvorm, gedeeltelijk in vakwerk; speklagen.

 

Oensel

 DE HOEVE OENSEL, Gewandeweg 1, voorheen Grote Oenselder Hof geheten, wordt reeds in 1381 genoemd als Valkenburgs leen (Habets, 1884, blz. 417. - De Crassier, 1930, blz. 161).

De twee ten opzichte van elkaar haaks gelegen vleugels zijn opgetrokken uit baksteen met mergel speklagen; deze oorspronkelijke architectuur, xvii, is nog gaaf aanwezig in de door een gebogen fronton bekroonde eindgevel van de woonvleugel doch verder zijn er veel vernieuwingen uitgevoerd in baksteen; in de achtergevel enige oorspronkelijke hardstenen kruiskozijnen onder ontlastingsbogen, waarboven tweelichtvensters met houten kozijnen. In de voorgevel een rechthoekige ingang in hardsteen met op de bovendorpel ihs 1733; rechts hiervan twee paar gelijktijdige vensters in gekoppelde rechthoekige omlijstingen van hardsteen, ten dele samengesteld uit fragmenten van oorspronkelijke kruiskozijnen; links van de ingang en in de achtergevel 19de eeuwse vensters.

 Inwendig resten van drie Lodewijk xv-schoorsteenmantels met stucboezems en een ijzeren haardplaat met putti, resten van een stucplafond in Lodewijk xv-stijl en moerbalkzolderingen.

 

 Haagstraat 8. Hoeve om gesloten binnenplaats met speklagen, gewijzigd; ankers en gevelsteen met anno w(illem)-w(aelen) o hh-b 17(9)1; gepleisterd.